Alle informatie voor de gedreven vrouwelijke
doe-het-zelver onder een dak!

Blog

Katleen Bosteels

Binnen en buiten de lijntjes kleuren. (Katleen Bosteels)

Met kleur bouw je geen huis, maar toch is het een belangrijk element dat de nodige aandacht verdient. Je kan er bepaalde interieurelementen mee versterken en sferen creëren. Wanden, vloeren, meubilair,.. zijn de onderdelen die kleur brengen. Het is duidelijk dat deze op mekaar afgestemd moeten worden. Maar ook andere, aansluitende ruimtes moeten qua kleur harmoniëren: als je vanuit je zetel zicht hebt op de keuken, maak je daar best 1 geheel van of gebruik je tinten die bij elkaar passen. Harmonie & contrast. Binnen 1 kamer gebruik je best niet teveel accentkleuren. Ga bvb. voor 1 wand in een uitgesproken kleur en hou de rest neutraal. Denk ook eens aan het effect van een matte & glanzende verf naast mekaar. Zelfs in dezelfde kleur geeft dat een subtiel verschil. Schilder deuren en deuromlijstingen, alsook plinten (als ze schilderbaar zijn) in dezelfde kleur als de muur waarvan ze deel uitmaken. Toveren. Een grote ruimte kan je verkleinen door te werken met warme kleuren (bvb. warm groen, terracotta, ...). Het zijn 'voorgrondkleuren'. Met koude tinten ('achtergrondkleuren') krijg je het tegenovergestelde effect (bvb. koel grijs, blauw). Je kan hoogte accentueren door een smalle strook in een contrasterende kleur te zetten, denk maar aan de smalle, hoge wand in een traphal. Een hoge ruimte laat je lager lijken door een donkere kleur te kiezen voor het plafond en/of vloer. Lichte kleuren verruimen. Kamers met noorderlicht voelen warmer aan wanneer er warme tinten gebruikt worden. Vermijd te felle kleuren daar waar veel zonlicht binnen schijnt, hier kan je experimenteren met koele tinten. Buiten de lijntjes. Laat de kleur van de muur gerust een stukje op het plafond doorlopen: het lijkt alsof het plafond dan deels verhoogd/verlaagd wordt (afhankelijk of je een donkerdere of lichtere kleur gebruikt hebt). Gebruik kleurcontrast om "ruimte in de ruimte" te creëren. In een (ruime) hal bvb. kan je de zone aan de voordeur anders inkleuren (zowel vloer, wanden als plafond). Het materiaal van de vloer kan je laten doorlopen op de muur. In badkamers zie je dat wel meer, maar het kan evengoed in andere woonruimtes toegepast worden, al was het maar tot op hoogte van de ramen bvb. Alle begin is makkelijk.... ... als je doordacht te werk gaat en alles goed voorbereidt. Verzamel staaltjes van de materialen (kleuren) die je wil gebruiken. Bekijk ze in de betreffende ruimte van op realistisch afstand (een vloertegel leg je op de grond) en in het juist vlak (zet een boek met behangpapier vertikaal tegen de muur). Evalueer alles zowel bij daglicht als kunstlicht. Op de websites van bvb. verffabrikanten kan je handige programmaatjes vinden om kleuren te combineren. Bewerk de ondergrond zoals het hoort en met de juiste producten. Vaak duurt de voorbereiding langer dan de eigenlijke, zichtbare afwerking. Laat je adviseren door je leverancier of een vakman. En gebruik kwalitatieve verwerkingsproducten.

De slaapkamer: meer dan alleen slapen (Katleen Bosteels)

Vaak besteden mensen niet zoveel aandacht aan hun slaapkamer. Jammer, want je brengt er flink wat tijd in door. Niet alleen om te slapen. Cocon Zorg ervoor dat je slaapkamer op de juiste plaats gelegen is in de woning: liever niet aan de (drukke) straatkant of grenzend aan lawaaierige kamers (bvb. de wasruimte). Als je in een rijwoning woont, overweeg dan om de muren te isoleren: een investering waar jij en je buur alle baat bij hebben. Vermijd oriëntatie naar het zuiden: tijdens de zomer zorgt dat voor té hete, slapeloze nachten. Maak er dus een cocon van, waar je beschermd bent. Rust Als je de ruimte hebt, plaats dan de kleerkasten in een aparte kamer, aansluitend aan de slaapkamer (dressing). Is dat niet het geval, geef dan de muur waar de kleerkast tegen staat (inclusief eventuele deur) dezelfde kleur als de kast: dat vormt optisch 1 geheel en verruimt. En ga voor gesloten kasten. Gooi die stoel buiten waar je elke avond je kleding op legt. Op 't einde van de week zie je niet meer dat het een stoel is; het is 1 berg kleren geworden. Voorzie in de plaats een paar haakjes of een grote greep (zoals je wel eens op keukenkasten ziet) tegen de muur en hang daar je spullen aan. De meeste kleerkasten die je in de winkel vindt, zijn zo'n 60 cm diep. Dat is nodig voor hangende kleding. Maar voor opgeplooide zaken, ondergoed enz. (waar dus geen kapstok aan te pas komt) is 40 cm voldoende. Dat is dus 20 cm aan vrije ruimte gewonnen! Als je in de slaapkamer nog TV wil kijken, op je laptop werkt, leest, ... zorg er dan voor dat deze spullen een plaats krijgen en niet teveel op het voorplan komen. Een hometrainer, wasmand, ... horen niet in een slaapkamer. Kleur & licht Gebruik geen felle kleuren (zoals rood), maar ga voor een warme, eerder donkere kleur op de wanden waar je zicht op hebt wanneer je in bed ligt: deze kleuren weerkaatsen minder licht. Ik werk ook vaak met de illusie van een "hemelbed": het stukje wand achter het bed wordt in een contrasterende (donkere) kleur gezet en doorgetrokken tot op het plafond (met dezelfde afmetingen als het bed). Zorg ervoor dat de raamaankleding voldoende verduistering brengt. Werk met indirect licht voor een zachte sfeer, maar ter hoogte van de kleerkast moet je uiteraard wel voldoende licht hebben. Een lampje naast je bed is eveneens onmisbaar, maar zorg ervoor dat het niet de hele kamer verlicht en je bedpartner niet stoort. Breng de diverse schakelaars van de lichtcircuits samen aan je bed en de deur: geen gekibbel meer over wie terug uit bed moet om het licht uit te doen. Voldoende daglicht is anderzijds ook nodig: je kikkert er 's morgens van op. En het is ook handig om bij het aankleden te checken of je outfit qua kleur wel goed zit (want kunstlicht is niet steeds waarheidsgetrouw). Slaap eens op een ander Besteed voldoende aandacht aan de aankoop van je bed & matras. Ga gerust een aantal matrassen (en lattenbodems) uittesten. Het is een van de meest persoonlijke meubelstukken, dat op je lijf geschreven moet zijn. En je hoeft de matras niet te delen met je bedpartner: je kan 2 verschillende elementen kiezen, samen in 1 bed. Een S.A.T.-relatie S.A.T. of sleeping apart together. Heb je een snurkende, woelende bedpartner die het laken steeds naar zich toe trekt en jou slapeloze nachten bezorgt? Of leest hij/zij tot een stuk in de nacht waardoor jij geen oog dicht kan doen? Overweeg dan 2 slaapkamers. Bij ons is dat idee de dag van vandaag verre van ingeburgerd. Meer zelfs: het is taboe en wordt geassocieerd met koppels die een slechte relatie hebben of met oude, zieke mensen. Het kan nochtans je relatie redden. Je bent beide uitgerust: geen ochtendhumeur meer, geen aanslepende vermoeidheid (die tot depressie kan leiden) enz. Daarenboven ga je veel bewuster met intimiteit om en ga je dit intenser beleven. Vroeger was het -vooral bij de rijkere burgerij- de normaalste zaak dat ieder zijn eigen slaapkamer had (en dat was heus niet alleen omwille van de echtgenoot z'n nachtelijke escapades). Het is pas mede doordat de woningen algemeen kleiner werden (o.a. door de verhuizing naar de stad), dat man & vrouw terug samen in 1 slaapkamer zijn gaan slapen. In de Verenigde Staten doen 2 "master bedrooms" geen wenkbrauwen meer fronsen, daar is dat vandaag geen rariteit meer. Kies dus gerust voor 2 volwaardige slaapkamers, als je daar de ruimte voor kan vrijmaken (i.p.v. je toevlucht te nemen tot de zetel of de logeerkamer annex bureeltje annex rommelkamer). Verbind de slaapkamers met een gemeenschappelijke badkamer of zorg ervoor dat je de slaapkamers van mekaar kan scheiden door grote schuifpanelen bvb.

Van kitchen nightmare tot droomkeuken. (Katleen Bosteels)

Keukenprins(es) of niet? De keuken is een onmisbaar onderdeel van je woning waarover je goed moet nadenken alvorens ze in te richten. Lig er gerust even van wakker. Stel je keuken in vraag. Zit je keuken wel op de juiste plaats? Misschien wil je ze meer integreren met de leefruimte of beter laten aansluiten met terras of tuin? Bestudeer eens of je bepaalde deuren die in de keuken uitkomen kan supprimeren; op die manier krijg je er een stukje wand bij dat je kan benutten voor keukenkasten. Open of gesloten? Of waarom niet beide: een open keuken die met schuifpanelen afgesloten kan worden. Elke optie heeft z'n voor- en nadelen en jij als bewoner weet best wat je wil. Ik ben te vinden voor een open keuken: ik besteed er aardig wat tijd in en dan is het aangenaam om in contact te staan met de leefruimte en tuin. Ook gasten blijven al eens plakken in de keuken tijdens het aperitief. Maar in 't heetst van de strijd wil ik geen pottenkijkers en sluit ik de keuken af! Je mag de keuken sowieso niet zien als een aparte, geïsoleerde kamer, zelfs al is ze fysiek gescheiden van de overige ruimtes. Laat vloer, overig materiaalgebruik, kleur en vormgeving in mekaar overlopen. Keukenmeubilair hoeft er niet per se anders uit te zien dan je tv-kast bijvoorbeeld. Dat brengt rust en vergroot het ruimtegevoel. Wie maakt het? Je kan je keuken zelf maken, maar dan moet je al heel wat kennis en ervaring hebben. Voor alle anderen: start met de opmeting van de ruimte waar de keuken moet komen. Maak een verlanglijstje van wat je wil (maar ook: wat wil je zeker niet?). Hiermee kan je: naar een doe-het-(zoveel-mogelijk)-zelf-zaak stappen en alle onderdelen samenstellen je licht opsteken bij een keukenfabrikant een ontwerp laten maken dat door een meubelmaker uitgevoerd wordt. Deze mogelijkheid is de meest gepersonaliseerde en bestaat uit 100% maatwerk. En waaruit? Eigenlijk zijn er veel mogelijkheden. De binnenzijde van de kasten worden meestal afgewerkt met melamine. De kastfronten kunnen in laminaat, houtfineer, gelakte mdf, ... Het keukenwerkblad kan in natuursteen, composietsteen (bvb. Silestone), massief hout, laminaat, ... Of waarom niet: kasten in hetzelfde materiaal als de vloer! Elk product heeft zijn voor- en nadelen en de kostprijs zal vaak doorslaggevend zijn. Enkele schoonheidstips en praktische raadgevingen. Een goede keuken is gebruiksvriendelijk én mooi. kies de juiste werkbladhoogte: 90 of 92 of 96 cm of meer/minder, afhankelijk van je gestalte let op de plinten: je voeten moeten voldoende ruimte hebben om onder de kasten te staan plaats oven(s) niet te laag (zodat je je niet moet bukken), maar ook niet te hoog de vaatwasmachine hoeft niet per se onder het keukenwerkblad, hij kan ook geïntegreerd worden in een andere kast waardoor hij iets hoger geplaatst kan worden (bij de koelkast is dit al meer ingeburgerd) gebruik onderaan flink wat lades i.p.v. kasten met draaideuren zorg overal voor voldoende doorgang: een openstaande vaatwasmachine mag de doorgang naar de koelkast bijvoorbeeld niet belemmeren; grote opendraaiende kastdeuren mogen niet in de weg zitten, ... hangkasten boven je werkblad mag je niet te laag hangen: ze geven een nauw gevoel; hang ze gerust op 70 à 80 cm van het werkblad, op gelijke hoogte met de dampkap een klein trapladdertje helpt je om in de bovenste kasten te geraken (waar spullen in zitten die je toch niet vaak gebruikt), plaats dit in een kast in de keuken = binnen handbereik en toch aan het zicht onttrokken kies zoveel mogelijk voor gesloten kasten en volledig ingebouwde (dus onzichtbare) toestellen (ook de dampkap kan je mooi inwerken, bvb. Novy) plaats broodrooster, koffiezetapparaat, ... in een afsluitbare kast handig en energievriendelijk: een speciale kraan waar steeds en onmiddellijk kokend water uit komt (bvb. Quooker) hou de decibels die toestellen produceren in de gaten (vooral wanneer je een open keuken hebt); plaats de motor van de dampkap op afstand (in een aparte ruimte) en kies geruisloze kasten en lades kies toestellen met een A (++)-energielabel Tot slot: reserveer een plaatsje voor kookboeken, dat mag open en bloot: op die manier etaleer je je kookwijsheid, ook al ben je geen keukenprins(es)!

Licht & verlichting: een hoofdrolspeler in elk huis! (Katleen Bosteels)

Of het nu gaat over de volledige verbouwing van je woning of de inrichting van één enkele ruimte: licht speelt een hoofdrol. Hier dus enkele belangrijke aandachtspunten: Start altijd eerst met het bestuderen van de natuurlijke lichtinval (daglicht): is de oriëntatie van de zon zodanig dat je veel zonlicht binnen krijgt of niet? en als er rechtstreeks zonlicht binnenvalt: is dat dan de ganse dag? en hoe zit het met de lichtinval tijdens de wintermaanden, wanneer de zon veel lager staat en heel wat minder schijnt? Hou er rekening mee dat zonlicht soms verblindend kan werken en sterke lichtvlakken aftekent in de ruimte. Lichtweerkaatsing op je computer- of tv scherm is te vermijden. Noorderlicht daarentegen is zeer neutraal en vrij constant. Vandaar dat o.a. kunstenaars graag in dit licht werken. Ga bij de bepaling van artificiële verlichting altijd uit van: het soort licht dat je nodig hebt (functioneel boven het keukenwerkblad, sfeerverlichting in de TV-hoek enz.) de sfeer die je wil creëren (in samenspraak met andere interieurelementen zoals meubilair, vloerbekleding en kleuren) start NOOIT alleen vanuit de vormgeving van een armatuur zelf. Form follows function, niet vergeten! Een mooi verlichtingsarmatuur dat je per se wil voor boven je eettafel geeft daarom nog niet het gewenste licht (en mist dus zijn doel). Maak een lichtplan. Duid op het grondplan (waar ook je meubels e.d. op getekend zijn) aan waar je verlichting nodig hebt. En maak gebruik van de verschillende mogelijkheden: plafondverlichting (inbouwspot, opbouwarmatuur, hangende lamp, ...), wandverlichting (inbouw of opbouw), verlichting in meubilair, evt. vloerverlichting enz. Vergeet ook de staande lamp of tafellampje niet. Vaak worden deze het vaakst gebruikt! Verlichting kiezen. Aan de hand van het soort & de hoeveelheid licht dat je nodig hebt, kan je dan de armaturen bepalen. Tip: maak van je woning geen verlichtingswinkel en tracht het aantal verschillende soorten te beperken. Gebruik bvb. steeds hetzelfde plafondspotje en kies een hangend plafondarmatuur en staande lamp van hetzelfde gamma als ze naast mekaar in de ruimte staan. Als accent kan je werken met een opvallend armatuur (maar hou rekening met de overige interieurelementen). Zorg ervoor dat er armaturen bij zijn die je kan dimmen. Indirecte verlichting d.m.v. een TL-armatuur dat weggewerkt is achter een lichtlijst heeft een mooi effect en is budgetvriendelijk. Streef ernaar om zoveel mogelijk milieu- en energievriendelijke lampen te gebruiken. Er zijn al heel wat knappe armaturen op de markt met spaarlampen (en die geven al lang niet meer dat ongezellige, koele licht!). Zoals reeds aangegeven: omgevingsfactoren kunnen het licht versterken of afzwakken: lichte kleuren kaatsen het licht maximaal terug, donkere tinten slorpen bijna alle licht op. Glanzende materialen en spiegels weerkaatsen het licht. In een volgend artikel kom ik hier zeker nog op terug.

Get inspired (Katleen Bosteels)

Noodzakelijk bij de inrichting van je interieur: inspiratie! Vandaag worden we overstelpt met informatie die ons zegt in welke stijl we ons interieur moeten inrichten. Maar na het doorbladeren van al die woonmagazines, het bezoeken van bouwbeurzen en het bekijken van woonprogramma's, zie je vaak door de bomen het bos niet meer. Of kom je tot een onpersoonlijk interieur. Maar het kan ook anders: Zoek het bij jezelf! Ben je een rustig type? Of flamboyant? Ben je helemaal weg van groen? Breng het in je interieur! Een goed interieur is immers een weerspiegeling van de bewoner. Het is persoonlijk... Je huis als inspiratiebron. Bepaalde elementen of de geschiedenis van je huis kunnen een basis zijn waarop je verder werkt. Een ruimte met een meer dan 100 jarige oosterse plafondschildering inspireerde me om in die zelfde stijl de kamer af te werken. Laat ook op reis je "inspiratie-voelsprieten" hun werk doen. Je hoeft geen andere cultuur klakkeloos te gaan kopiëren bij je thuis, maar je kan wel de spirit ervan in je woning brengen. Of materiaalgebruik dat bij ons minder voor de hand ligt. Zo heb ik me laten inspireren door de manier waarop de Spanjaarden paadjes aanleggen voor het ontwerp van een oprit Je idealen en dromen maken het waar. Misschien droom je ervan om in een loft te wonen, maar moet je het doen met een klein appartement. Niemand belet je om je appartement open te werken zodat je een loftgevoel krijgt. Of voel je je best wel een kasteelheer/dame? Dat kan ook in je huis, met gebruik van subtiele verwijzingen. Of je nu zelf je interieur gaat inrichten of je een beroep doet op een interieurarchitect: inspiratie werkt verrijkend. Ook erover praten met iemand kan op zich al inspirerend werken en je op leuke ideeën brengen. Zo ben ik al vaak door m'n klanten zelf geïnspireerd geweest, zonder dat ze het beseffen! Tip: neem altijd een klein notitieboekje mee als je de deur uitgaat, je weet nooit welke inspirerende zaken je tegen komt! Uiteraard begint alles bij een goed concept, en dat is meer dan een som van vormen, materialen en kleuren. Daarvoor verwijs ik naar het vorige artikel "Ondersteboven en binnenstebuiten denken".